Memorias de Cuba

Carel laat een nieuw geluid horen. Na zijn cd’s met uitstapjes naar de muziek van Leonard Bernstein en Ennio Morricone speelt hij op zijn bandoneon ditmaal muziek van Cuba. Bijzonder, want nooit eerder werden de ritmes en de instrumenten van dit Caribische eiland gecombineerd met dit instrument, deze stem van de Argentijnse tango. Gek eigenlijk, want beide muzikale werelden blijken het uitstekend met elkaar te kunnen vinden.
Bovendien zorgen op deze nieuwe cd vier bijzondere gasten voor gezongen intermezzi: naast de Cubaanse zangeres Estrella Acosta en haar landgenoot Fabian Nodarse, klinken de stemmen van hun Nederlandse collega’s Trijntje Oosterhuis en Bløf-zanger Paskal Jakobsen.
Dat Kraayenhof en de Cubaanse muziek goed bij elkaar passen bleek toen hij in 2005 kennis maakte met de zanger/gitarist van de Buena Vista Social Club: Eliades Ochoa uit Santiago de Cuba. Hun ontmoeting in een Rotterdamse kleedkamer, waarbij ze samen wat muziek maakten, smaakte naar meer. Toen hij daarna op het eiland Cuba kennis maakte met andere Cubaanse musici wist hij bij terugkeer in Nederland één ding heel zeker: hij moest nu maar eens dat Cubaanse album gaan maken dat al zo lang in zijn hoofd zat. Want wat klonk zijn bandoneon daar in dat café in Havanna prachtig met de snaar- en percussie-instrumenten van dat Caribische eiland.
,,Het is muziek die verbondenheid uitstraalt”, zegt Kraayenhof. ,,Elk instrument – tres, gitaar, trompet, fluit, viool, conga, bongo, timbales, maracas, piano, contrabas – heeft zijn eigen rol, allemaal zijn ze even belangrijk. Net als in een familie. Een ideale mix van Afrikaanse, Latijns-Amerikaanse en Noord-Amerikaanse muziekinvloeden.” Muzikaal adviseur Lucas van Merwijk verzamelde in Nederland een groep gespecialiseerde muzikanten die de muziek van Cuba in de genen heeft zitten. Vervolgens schreef Jurre Haanstra, die een aantal jaren in Latijns-Amerika woonde, betoverende arrangementen in verschillende sferen, waarin ook de strijkers en de blazers van het Metropole Orkest meegaan alsof ze op Cuba zijn geboren.
Het is een album met tal van bijzondere momenten. Zo maakt Carel Kraayenhof met dit album ook zijn cd-debuut als pianist. Hij doet dat in zijn eigen compositie ‘Te llevo en mi alma’. Ofwel: ‘Ik draag ik je in mijn hart’, een schitterende Cubaanse bolero, postuum opgedragen aan zijn vader.
Op de cd staan ook oude bekende stukken zoals ‘Quizás, quizás’ en ‘La Comparsa’ waarmee eerder ZZ en de Makers begin jaren zestig nog hits hadden. Daarnaast zijn er drie stukken uit het repertoire van de Amerikaans/Cubaanse Gloria Estefan: ‘ Si señor’, ‘Mi tierra’ en ‘Ayer’. Dat laatste stuk wordt gezongen door Estrella Acosta, die met haar warme, milde stem internationaal naam maakte als zangeres van de Cubaanse country-muziek. Een zangeres die op z’n Cubaans nu en dan eigen aansporingen tussen de teksten door roept. Ze is dan ook geboren op het platteland van de landstreek Matanzas. Kan het authentieker?
Dat geldt ook voor zanger Fabian Nodarse met zijn mooie expressieve doorleefde stem. Hij werd geboren in Havanna en groeide daar ook op, maar de liefde bracht hem naar Nederland. Tegenwoordig geeft hij les aan het conservatorium in Rotterdam. Bovendien trad hij op als coach in de Spaanse taal voor de beide Nederlandse zangers.
Verrassend is wellicht de samenwerking met Trijntje Oosterhuis. Hoewel? Eerder nam Carel Kraayenhof met haar een lied op voor Amalia, de eerste dochter van kroonprins Willem-Alexander en prinses Máxima. Begonnen als popzangeres, ontwikkelde ze zich in de jazz en maakte ze albums met de Amerikaanse componist Burt Bacharach. Het hoeft dus niemand meer te verbazen dat nu ook de muziek van Cuba haar goed blijkt te liggen.
De samenwerking met Paskal Jakobsen is wellicht meer voor de hand liggend. Met deze zanger van de groep Bløf kreeg Kraayenhof al eerder te maken toen ze samenwerkten aan het internationale project ‘Umoja’ van Bløf, die ook op Cuba een lied met Ochoa opnam. Hier blijkt hij heerlijk melancholiek te kunnen zingen in een tragisch lied over een verloren liefde op Cuba.